donderdag 15 oktober 2015
standpuntRV.jpg

Het kind en het badwater - afschaffen maximumfactuur is geen optie

Aanhoudende besparingen maken extra duidelijk dat de maximumfactuur niet functioneert, aldus Lieven Boeve, die daarom ook pleit voor het afschaffen ervan. Raymonda Verdyck vindt dat geen goed idee. Haar reactie.

Naar aanleiding van de besparingen in het onderwijs pleit de directeur generaal van het Katholiek Onderwijs Vlaanderen in de zaterdagkrant voor het afschaffen van de maximumfactuur. Door de aanhoudende besparingen wordt extra duidelijk gemaakt dat de maximumfactuur niet functioneert, aldus Lieven Boeve. Ik ben het niet eens met deze stelling.

Voor alle duidelijkheid, ook het GO! vindt dat de voorliggende besparingen in het onderwijs niet kunnen, maar de conclusie die Lieven Boeve hieruit trekt houdt absoluut geen steek. Onderwijs is een basisrecht voor elk kind. Onderwijs zou – zoals de grondwet dit overigens voorschrijft – kosteloos moeten zijn.

Die kosteloosheid slaat niet alleen op de kosteloze toegang en inschrijving, maar ook op het volledig kosteloos beschikbaar zijn van onderwijs voor iedereen. Dat houdt in dat de kosten voor het schoollopen, zoals schoolmaterialen, niet aan kinderen en hun ouders worden doorgerekend. Dit heeft tot verschillende maatregelen geleid, waaronder de afschaffing van het inschrijvingsgeld voor scholen (een maatregel die pas geldt sinds 2001), waarna in 2007 het decreet over de kostenbeheersing er kwam. In een volgende fase werd de maximumfactuur ingevoerd.

In tegenstelling tot wat Lieven Boeve stelt, heeft de invoering van de maximumfactuur wel degelijk zijn nut bewezen. Scholen hebben hun kostenbeleid aangepast en doen het nodige om de schoolfacturen zo laag mogelijk te houden zoals het organiseren van budgetvriendelijke uitstappen. Op deze manier wordt de fundamentele doelstelling bereikt dat élk kind kan deelnemen aan alle activiteiten en geen enkel kind gestigmatiseerd wordt wanneer het thuis financieel moeilijker is en ouders niet kunnen betalen voor dure schoolreizen.

Daarom pleit het GO! al langer voor het invoeren van een maximumfactuur in het secundair onderwijs. Uit onderzoek over de kosten in het secundair onderwijs blijkt immers dat de hoogte van de kosten erg verschilt tussen scholen, zelfs voor dezelfde studierichting. Het gevolg daarvan is dat getalenteerde leerlingen afhaken of ‘weggesorteerd’ worden uit sommige dure scholen.

Vandaag is een maximumfactuur meer dan ooit nodig. Bijna dagelijks worden we geconfronteerd met toenemende armoede, met kansarmoede tot gevolg, met ouders die het steeds moeilijker krijgen om hun schoolfacturen te betalen. Onze scholen worden jaar in jaar uit geconfronteerd met een stijgend aantal openstaande rekeningen.

Onderwijs moet kansen bieden aan alle jongeren en ertoe bijdragen dat leerlingen hun talenten ten volle kunnen ontwikkelen. Sociale en culturele uitsluiting en segregatie tegengaan zijn daarbij belangrijk, onder meer door het wegwerken van financiële drempels. Het is dit laatste waartoe de maximumfactuur bijdraagt, geen uitsluiting maar insluiting realiseren. Alleen zo wordt de school een veilige leeromgeving waar iedereen ten volle wordt gerespecteerd en iedereen gelijke kansen krijgt.

Besparen in het onderwijs is om die reden onaanvaardbaar. Scholen moeten over voldoende middelen beschikken om hun aanbod betaalbaar te kunnen houden. Daarin investeren is voor de overheid een noodzaak. Een goede scholing van de bevolking draagt bij tot de welvaart van de samenleving en tot een hoog welbevinden. Een gigantische return on invest, die anders verloren gaat.

Het is die discussie die we moeten voeren; dat de overheid investeert in zijn onderwijs. De rekening van besparingen doorschuiven naar de ouders is voor het GO! geen optie. Die keuze treft sociaal-economisch kwetsbare gezinnen en zorgt ervoor dat de overheid zich minder aangesproken voelt.

Dat is wat het voorstel van het afschaffen van de maximumfactuur inhoudt: dat we de rekening voorleggen aan de ouders, maar erger nog, dat we afstappen van de principes waarvoor de maximumfactuur werd ingevoerd. Elk kind moet gelijke kansen krijgen om deel te nemen aan alle activiteiten en keuzes, zonder dat dit bepaald wordt door financiële drempels. Dat laatste is voor het GO! alvast geen vrijblijvende optie, maar een kernopdracht van onderwijs.

Met dit voorstel wordt het kind met het badwater weggegooid. En dat is onaanvaardbaar.

Raymonda Verdyck
Afgevaardigd bestuurder GO!