Stadsdichter
“Ik schrijf vier gedichten per jaar in opdracht van de stad Damme, daar hoort telkens een presentatiemoment bij. Het stadsdichterschap is een functie die twee jaar loopt, het eerste jaar is al achter de rug. Ik schreef vorig jaar een gedicht naar aanleiding van 10 jaar Damme Boekendorp, de herdenking van de Slag bij ’t Molentje in de Tweede Wereldoorlog, de opening van de Cultuurfabriek in Sijsele en voor de zwemmers die deelnamen aan de wedstrijd Damme-Brugge in de Damse Vaart. Daarnaast krijg ik ook andere opdrachten, die dan niet binnen mijn 'officieel' stadsdichterschap vallen, maar er wel in passen, zoals gerechten poëtisch inleiden in een Dams restaurant, of het schrijven van een huldegedicht. Ik beperk mij echter niet tot het stadsdichter zijn, ik werk momenteel aan een nieuwe bundel, en ben ook nog altijd lid van een dichterscollectief.”
Innerlijke noodzaak
“Ik ben al langer dichter dan leraar, het is een stuk van mezelf geworden. Als ik niet zou schrijven ben ik een totaal andere persoon. Ik voel van tijd tot tijd een innerlijke noodzaak om te dichten. Als het al lang geleden is dat ik nog iets schreef, begin ik mij ongemakkelijk te voelen. Het is een uitdrukkingsvorm die ik echt nodig heb, een vorm van communicatie. Bovendien beleef ik de nodige fun eraan. Het schrijven mag zeker geen must worden. Daarom, maar niet alleen daarom, zie ik een fulltime schrijverschap niet zitten. Ik beleef ook veel te mooie momenten met het lesgeven. Ik denk maar aan allerhande uitstappen met leerlingen, waaronder de tentoonstelling in Bonn 'Schatten uit de Vallei der Koningen' of het bezoek aan La Coupole in Noord-Frankrijk met achteraf een kajaktocht op de IJzer, de verkleedpartijen van leerlingen op middeleeuwse avond, de presentaties in de klas,… Zo leer je je leerlingen echt kennen. Ik hou van de open geest en het cultureel verruimende onderwijs van het GO!.”