Comenius is een onderdeel van het Levenlang Leren Programma (LLP) dat de kennis en het begrip bij jongeren en onderwijspersoneel over de culturele en taalkundige diversiteit in Europa wil ontwikkelen. Het wil jongeren de basisvaardigheden en -competenties helpen bijbrengen die nodig zijn voor persoonlijke ontwikkeling, toekomstige tewerkstelling en actief Europees burgerschap.
De verschillende acties binnen het Comeniusprogramma zijn:
-
Gedecentraliseerde acties
-
Voorbereidende bezoeken / contactseminaries
-
Nascholings- en andere professionaliseringsactiviteiten
-
Comenius Assistentschappen
-
Ontvangen van een Comenius Assistent
-
Schoolpartnerschappen
-
Regio Partnerschappen
-
Individuele leerlingenmobiliteit
2. Gecentraliseerde acties
-
Multilaterale projecten
-
Multilaterale netwerken
Wat volgt, is een kort overzicht van de belangrijkste aandachtspunten van elke actie binnen het COMENIUS-programma (gebaseerd op de COMENIUS actiefiches)
1. Voorbereidende bezoeken
Voor wie?
Elke instelling die een nieuw Partnerschap, Multilateraal project, Netwerk of Aanvullende maatregel wil opzetten, kan een subsidie aanvragen. Normaal gezien krijgt voor elk bezoek maar één persoon een beurs. In uitzonderlijke gevallen kunnen echter twee personeelsleden van dezelfde instelling een beurs krijgen om samen deel te nemen aan een bezoek.
Doel van de actie
Personeelsleden de kans te geven een geschikte partnerinstelling te vinden en een werkplan ter voorbereiding van de aanvraag voor een project/partnerschap op te stellen.
Praktisch
Een voorbereidend bezoek kan volgende vormen aannemen:
-
Een bezoek aan een in aanmerking komende partnerinstelling in een ander land dat aan het 'Levenlang Leren' Programma deelneemt.
-
Deelname aan een 'contactseminarie' voor het vinden van een partner, georganiseerd door een Nationaal Agentschap. Een overzicht van de te volgen contactseminaries vindt u hier.
Duur: min. 1 dag - max. 5 dagen
Opmerkingen over de subsidiëring: /
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadlines
-
Voor een bezoek: 31/12/2012 én uiterlijk 6 weken voor het begin van het bezoek
-
Voor een contactseminarie: afhankelijk van het contactseminarie in kwestie
De aanvraagformulieren voor voorbereidende bezoeken en contactseminaries kunnen hier worden gedownload.
2. Nascholings- en andere professionaliseringsactiviteiten
Voor wie?
Schoolonderwijspersoneel (zowel onderwijzend als niet-onderwijzend), maar ook werkloze leerkrachten, leerkrachten in opleiding en leerkrachten die het beroep na een periode van afwezigheid terug oppikken. Tenslotte ook personen betrokken bij de opleiding van leerkrachten.
Doel van de actie
Deze actie wil de kwaliteit van het schoolonderwijs verbeteren door personeelsleden de kans te bieden een opleiding te volgen in een ander land dan waar ze wonen of werken. Op die manier worden de deelnemers aangemoedigd om hun praktische onderwijs-/coaching-/counseling-/managementvaardigheden te verbeteren en een breder beeld te krijgen van het schoolonderwijs binnen Europa.
Praktisch
Duur: min. 1 dag - max. 6 weken
Opmerkingen over de subsidiëring: het grootste deel van de finanicering is bestemd voor de reis- en verblijfskosten. Voor inschrijvingsgelden voor cursussen, conferenties en seminaries kan een bijdrage worden toegekend op basis van de werkelijke kosten.
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadlines;
-
16/01/2012: voor opleidingsactiviteiten die starten op of na 01/05/2012
-
30/04/2012: voor opleidingsactiviteiten die starten op of na 01/09/2012
-
17/09/2012: voor opleidingsactiviteiten die starten op of na 01/01/2013
Surf naar de website van Epos vzw om het aanvraagformulier te downloaden.
Men kan een cursus kiezen uit de Comenius catalogus of zelf een cursus uitzoeken die aan je nascholingswensen voldoet.
3. Assistentschap
Voor wie?
Toekomstige leerkrachten in gelijk welk vakgebied.
Doel van de actie
Deze toekomstige leerkrachten de kans geven zich een beter beeld te vormen van de Europese dimensie van lesgeven en leren, om hun kennis van vreemde talen, andere Europese landen en hun onderwijssystemen uit te breiden en om hun onderwijsvaardigheden te verbeteren. Hiervoor worden ze volledig opgenomen in het dagelijkse schoolleven (niet als voltijds leerkracht, wel als assistent tijdens de lessen en andere schoolactiviteiten).
Praktisch
Duur: min. 13 weken - max. 45 weken (alle activiteiten moeten op 31 juli 2013 afgelopen zijn)
Opmerkingen over de subsidiëring: assistenten ontvangen een subsidie die hun reis- en voorbereidende kosten en hun verblijfskosten dekt.
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadline: 31 januari 2012
Surf naar de website van Epos vzw om het aanvraagformulier te downloaden.
4. Ontvangen van een Comenius Assistent
Voor wie?
Scholen (kleuter-, lager en secundair onderwijs) in het algemeen, technisch of beroepsonderwijs die als gastinstelling willen optreden voor een Comenius Assistent.
Doel van de actie
Terwijl het Assistentschap de Comenius Assitent de mogelijkheid biedt onderwijservaring in een ander Europees land op te doen, ontvangt de gastschool bijkomende ondersteuning voor activiteiten zoals assistentie bij klassikaal onderwijs en ondersteuning bij groepswerk en bij projectgerichte lesactiviteiten, de introductie of versterking van de Europese dimensie, bij de ontwikkeling en implementatie van projecten zoals eTwinning,...
Praktisch
Duur: min. 13 weken - max. 45 weken (alle activiteiten moeten op 31 juli 2013 afgelopen zijn)
Opmerkingen over de subsidiëring: de gastschool ontvangt geen financiële steun, omdat zij voordeel heeft bij de aanwezigheid van de assistent en het werk dat hij/zij verricht.
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadline: 31 januari 2012
Ga naar de website van Epos vzw om het aanvraagformulier voor het ontvangen van een Comenius Assistent te downloaden.
5. Schoolpartnerschappen
Men spreekt nu over Comenius multilaterale schoolpartnerschappen (vroeger over Comenius 1). Leerlingen en leerkrachten van minimaal drie scholen uit minimaal drie landen werken op afstand samen aan een project. Bilaterale programma's zijn alleen mogelijk als er sprake is van een 10-daagse leerlingenuitwisseling.
Voor wie?
- Multilaterale schoolpartnerschappen: scholen uit het basisonderwijs en secundair onderwijs (algemeen, technisch en beroepsonderwijs).
- Bilaterale schoolpartnerschappen: scholen uit het secundair onderwijs (algemeen, technisch en beroepsonderwijs en niet-schoolse instellingen die leercontracten verstrekken)
Doel van de actie
- Multilaterale schoolpartnerschappen: deze partnerschappen beogen de versterking van de Europese dimensie in het onderwijs via gezamenlijke samenwerkingsactiviteiten tussen scholen in Europa. De projecten bieden leerlingen en leerkrachten uit verschillende landen de kans om samen te werken rond één of meer thema's waarvoor wederzijdse belangstelling bestaat.
- Bilaterale schoolpartnerschappen: deze partnerschappen proberen het gebruik van de Europese talen te stimuleren, door leerlingen de mogelijkheid te geven hun vaardigheden op het gebied van vreemde talen te oefenen en zichzelf vertrouwd te maken met de taal van het partnerland, zodat de Europese dimensie in het onderwijs versterkt wordt. Bilaterale schoolpartnerschappen helpen zowel leerkrachten als leerlingen bij het verwerven en verbeteren van vaardigheden, niet alleen betreffende het onderwerp waarop het project gericht is, maar ook aangaande teamwork, sociale betrekkingen, ICT,...
Praktisch
Multilaterale schoolpartnerschappen
Deelnemers: drie of meer scholen uit drie of meer landen (EU-landen, Noorwegen, Liechtenstein, Ijsland en Turkije). Een partnerschap is bij voorkeur niet te omvangrijk: pragmatisch gezien verdient het aanbeveling met minimaal vier of vijf scholen te starten.
Duur: 2 jaar
Mobiliteiten: voor mobiliteit binnen multilaterale schoolpartnerschappen kunt u kiezen tussen een project met een bescheiden aantal bezoeken aan partnerscholen (minimaal 4 mobiliteiten of minimaal 8 mobiliteiten binnen een periode van 2 jaar) óf een project met wat meer bezoeken (minimaal 12 mobiliteiten of zelfs 24 mobiliteiten in 2 jaar). Dit betreft zowel leerkrachten, directie als leerlingen (voor die laatste groep kunnen vooral de projectvergaderingen interessant zijn, met bijvoorbeeld een schaduwprogramma voor leerlingen die bij de organisatie van het project betrokken zijn).
Opmerkingen over de subsidiëring: subsidies worden altijd overgemaakt naar de bankrekening van de school. Na ontvangst van het getekende contract wordt 80 procent van het totale subsidiebedrag overgemaakt. Na het indienen van het (inhoudelijk en financieel) verslag en de goedkeuring daarvan door EPOS, volgt uitbetaling van de resterende 20 procent. Steun in de vorm van een subsidie zal bestaan uit een lumpsum financiering voor lokale projectkosten, reiskosten en verblijfkosten. Afhankelijk van de omvang van het partnerschap en het aantal geplande mobiliteiten wordt er een vast bedrag toegekend. Dus: een maximum bedrag voor een minimum aantal mobiliteiten. Elk deelnemend land heeft een lumpsum subsidiebedrag vastgesteld. Vlaanderen is hier zuinig geweest om zoveel mogelijk projecten te kunnen betoelagen. Voor multilaterale schoolprojecten: 7.000 euro voor min. 4 mobiliteiten, 11.000 euro voor min. 8 mobiliteiten, 15.000 euro voor min. 12 mobiliteiten en 20.000 euro voor min. 24 mobiliteiten. BLO en BUSO scholen moeten slechts de helft van de vooropgestelde mobiliteiten uitvoeren. Hetzelfde geldt voor overzeese gebieden. Bijvoorbeeld in geval van 12 mobiliteiten moet je er maar 6 doen, waarvoor je toch een subsidie van 15.000 euro ontvangt. Voor bilaterale schoolprojecten: 16.000 euro voor minimaal 12 mobiliteiten en 20.000 euro voor minimaal 24 mobiliteiten.
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadline: 21 februari 2012
Download hier het aanvraagformulier voor schoolpartnerschappen in 2012.
Bilaterale schoolpartnerschappen
Deelnemers: twee scholen van verschillende deelnemende landen (EU-landen, Noorwegen, Liechtenstein, Ijsland en Turkije).
Duur: 2 jaar
Mobiliteiten: elk van beide scholen neemt deel aan een klasuitwisseling naar de andere school. Deze klasuitwisseling moet minimaal 10 dagend duren en de deelnemende leerlingen moeten minimum 12 jaar oud zijn. Tijdens deze klasuitwisseling werken de leerlingen samen op school en verblijven ze in elkaars gezinnen.
Opmerkingen over de susidiëring: idem multilateriale schoolpartnerschappen
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadline: 21 februari 2012
Aanvraagformulier: zie multilaterale schoolpartnerschappen
6. Regio partnerschappen
Voor wie?
De Comenius Regio partnerschappen bestaan telkens uit twee 'partnerregio's'. Elke partnerregio omvat:
- De lokale of regionale overheid die een rol speelt binnen het schoolonderwijs
- Minstens één school
- Minstens één andere relevante lokale partner
Doel van de actie
De Regio partnerschappen beogen de versterking van de Europese dimensie in het onderwijs door de samenwerking tussen de plaatselijke en regionale overheden die binnen Europa met onderwijs te maken hebben, te ondersteunen. Ze helpen de deelnemende regio's om voorbeelden van goede praktijk te ontwikkelen en uit te wisselen, instrumenten te ontwikkelen voor een grensoverschrijdende duurzame samenwerking en de Europse dimensie in het schoolonderwijs te versterken.
Praktisch
Duur: 2 jaar
Opmerkingen over de subsidiëring: de beurzen dekken de kosten voor mobiliteit, voor de implementatie van de projectactiviteiten en voor de verspreiding van de resultaten. Indirecte kosten worden niet gedekt.
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadline: 21 februari 2012
Het aanvraagformulier voor een regiopartnerschap vindt u terug op de website van Epos vzw.
7. Individuele leerlingenmobiliteit
Voor wie?
Voor secundaire scholen die betrokken zijn of waren in een Comenius Schoolpartnerschap en die één of meerdere leerlingen naar een gastschool in het buitenland die tot het partnerschap behoort, willen sturen.
Doel van de actie
Leerlingen de kans bieden om leerervaringen op te doen binnen Europa, om hun begrip voor de diversiteit van de Europse culturen en talen te ontwikkelen en hen te helpen competenties te verwerven die nodig zijn voor hun persoonlijke ontwikkeling. Bovendien is de actie gericht op het uitbouwen van een duurzame samenwerking tussen de deelnemende scholen en het mogelijk maken van de erkenning van de gevolgde studies in de buitenlandse partnerschool.
Praktisch
Duur: min. 3 maand - max. 1 academiejaar (+/- 10 maanden)
Opmerkingen over de subsidiëring: de financiering is gebaseerd op een forfaitaire vergoeding voor de organisatie van de mobiliteit door de thuisschool, een forfaitaire vergoeding voor de taalkundige voorbereiding alvorens de leerling vertrekt, een forfaitaire vergoeding voor de uitvoering van de mobiliteit door de gastschool, een maandelijkse toelage voor de leerling en een vergoeding voor de werkelijk gemaakte kosten voor één heen- en terugreis. De beurzen worden door het Nationaal Agentschap betaald aan de thuisschool.
Aanvraag indienen bij: het Nationaal Agentschap Epos vzw
Deadline: de dealine voor het aanvragen door de school van individuele leerlingemobiliteiten in het schooljaar 2012-2013 is 1 december 2011.
8. Multilaterale projecten
Voor wie?
Het consortium van partners bestaat uit minimum drie partners uit tenminste drie verschillende landen waarvan tenminste één land een EU-lidstaat is. Volgende instellingen kunnen zich als partner binnen een Comenius multilateraal project opgeven:
- Instellingen of organisaties die actief zijn op het gebied van schoolonderwijs (zoals onderzoekscentra, opleidingscentra voor onderwijsmanagement of begeleiding en advies, onderwijsoverheden en openbare of particuliere ondernemingen).
- Scholen: alle instellingen die peuter- en kleuteronderwijs, basisonderwijs en secundair onderwijs, met inbegrip van buitengewoon onderwijs verzorgen; zowel openbare als erkende particuliere scholen komen voor deelname in aanmerking.
- Overheden, instellingen of organisaties die niet rechtstreeks bij het onderwijs betrokken zijn, maar wel kunnen bijdragen tot de ontwikkeling van hoogwaardig onderwijs.
- Netwerken, vrijwilligersorganisaties en andere non-profitorganisaties en -ondernemingen die actief zijn in de onderwijssector.
-
Instellingen of organisaties die initiële opleidingen en/of bijscholing verzorgen voor onderwijsgevenden en andere categorieën onderwijzend personeel van scholen.
Op zoek naar een partner voor een multilateraal project? Neem dan hier een kijkje.
Doel van de actie
De Multilaterale Comenius Projecten worden ondernomen door consortia die samenwerken om de initiële opleiding of nascholing van leerkrachten en andere personeelscategorieën binnen de sector van het schoolonderwijs te verbeteren. Bij deze projecten worden ook strategieën ontwikkeld en/of ervaringen uitgewisseld om de kwaliteit van het onderwijs en leren in het klaslokaal te verbeteren. Van ieder project wordt een zichtbaar resultaat verwacht - bijvoorbeeld een nieuw curriculum, nieuw lesmateriaal,...
Praktisch
Duur: 3 jaar
Opmerkingen over de subsidiëring: de maximumbeurs bedraagt 150.000 euro per jaar. De maximale Gemeenschapsbijdrage voor projecten is echter vastgesteld op 300.000 euro.
Aanvraagformulieren bij het Uitvoerend Agentschap: EACEA
Deadline: 2 februari 2012
9. Multilaterale netwerken
Voor wie?
Het consortium van partners bestaat uit minimum zes partners uit tenminste zes verschillende landen waarvan tenminste één land een EU-lidstaat is. Volgende instellingen kunnen zich als partner binnen een Comenius multilateraal project opgeven:
- Instellingen of organisaties die actief zijn op het gebied van schoolonderwijs (zoals onderzoekscentra, opleidingscentra voor onderwijsmanagement of begeleiding en advies, onderwijsoverheden en openbare of particuliere ondernemingen);
- Scholen: alle instellingen die peuter- en kleuteronderwijs, basisonderwijs en secundair onderwijs, met inbegrip van buitengewoon onderwijs verzorgen; zowel openbare als erkende particuliere scholen komen voor deelname in aanmerking;
- Overheden, instellingen of organisaties die niet rechtstreeks bij het onderwijs betrokken zijn, maar wel kunnen bijdragen tot de ontwikkeling van hoogwaardig onderwijs;
- Netwerken, vrijwilligersorganisaties en andere non-profitorganisaties en -ondernemingen die actief zijn in de onderwijssector;
-
Instellingen of organisaties die initiële opleidingen en/of bijscholing verzorgen voor onderwijsgevenden en andere categorieën onderwijzend personeel van scholen.
Doel van de actie
Comenius netwerken stimuleren onderwijsinstellingen en -organisaties om netwerkactiviteiten te ontplooien. Ze zijn ontwikkeld om Europese samenwerking en vernieuwing te promoten in specifieke thema's die van bijzonder belang zijn voor het schoolonderwijs in een Europese context. Een dergelijk netwerk kan bestaan uit een forum voor overleg en samenwerking in het identificeren en promoten van vernieuwing en voorbeelden van goede praktijk voor het betreffende thema of uit een platform ter ondersteuning van de samenwerking tussen personen en instellingen die bij Comenius betrokken zijn.
Praktisch
Duur: 3 jaar
Opmerkingen over de subsidiëring: de maximumbeurs bedraagt 150.000 euro. De maximumbeurs van de Gemeenschap is 75%.
Deadline: 2 februari 2012
Aanvraagformulieren bij het Uitvoerend Agentschap: EACEA
Meer informatie en indienen van aanvragen:
EPOS vzw
Wim Cloots
Hendrik Consciencegebouw 6A
Koning Albert II-laan 15
1210 Brussel
Tel: 02 553 97 42
http://www.epos-vlaanderen.be/?CategoryID=182